‘Draagmoederbank is goede stap, maar moet veel meer gebeuren’

Specialisten en het FIOM pleiten voor een draagmoederbank zodat meer wensouders kunnen worden geholpen. Nu kunnen stellen alleen in eigen kring op zoek naar een draagmoeder. Wat vinden draagmoeders van een speciale bank?

Pauline van Berkel is ze de vrouw achter de website Zwanger voor een ander. Zij denkt dat een draagmoederbank zal helpen. “Maar wel met een grote maar: voordat die bank er komt, moet er eerst nog veel meer gebeuren. Eerst moeten er allemaal andere regels en wetten worden aangepast die het nu heel lastig maken voor zowel wensouders als draagmoeders.”

Baby loslaten

En Pauline kan het weten, want zij heeft zelf twee keer een baby gedragen voor een ander. “Ik dacht aan draagmoeder worden omdat mijn gezin heel compleet was, maar ik nog wel een keer een bevalling mee wilde maken”, vertelt ze aan EditieNL. “Ik zag in mijn omgeving veel verdriet over ongewenst kinderloos zijn. Ik word makkelijk zwanger, dus dacht: ik kan zo iemand helpen.”

Vond ze het niet moeilijk? Draagmoeder zijn? “Veel mensen die het horen, zeggen dat ze het niet zouden kunnen. Vooral het opgeven van het kindje, bedoelen ze dan. Dat is ook moeilijk, wie dat wel kan, is een uitzondering. En ik kan dat dus.”

Weinig informatie te vinden

“In 2010 ging ik voor het eerst op concreet op zoek naar informatie over draagmoederschap.” Dat bleek lastig te vinden. “Op een site van de rijksoverheid vond ik twee regels en een pdf-bestand bij Freya (een vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen, red.).” Dat was het. Daarom ging Pauline maar zelf op onderzoek uit.

Alles wat ze vond, zette ze op de site Zwanger voor een ander.  Die houdt ze nog steeds bij. “Ik kreeg en krijg steeds meer reacties. Meer vrouwen lijken ook op te staan als draagmoeder. Toen ik in 2010 begon, kende ik maar vijf vrouwen die draagmoeder waren geweest of nog wilden zijn. Nu ben ik de tel kwijt.”

In 2013 droeg Pauline voor het eerst een baby voor een ander, zes weken geleden beviel ze van de tweede. “Ik adviseer mensen altijd de tijd te nemen. Als je dit al wil, moet je je inlezen. Doe het nooit als je denkt dat je het kindje niet kunt opgeven.”

‘Ik mag je niet helpen’

De verhouding tussen wensouders en draagmoeders is volgens Pauline nog steeds scheef. Er is nog steeds meer vraag dan aanbod. Wensouders – mensen die graag een kindje willen, maar om uiteenlopende redenen niet zelf zwanger kunnen raken – benaderen Pauline. “Ze willen vooral weten hoe ze een draagmoeder vinden. Daar heb ik een standaard antwoord op: ik mag je niet helpen. Dat is het enige waar de wet heel duidelijk over is.” Bemiddelen mag ze namelijk niet.

Op haar site wisselen wensouders en draagmoeders ervaringen uit. Zelf legt ze ook veel uit over routes naar de VS en Canada. “Daar is alles heel goed geregeld.” Ook Oost-Europa komt voorbij. “Maar dat is af te raden.”

 

(Bron RTL Editie NL)

Reactie achterlaten